5.Cameron Highlands 3
Start Omhoog

Bijgewerkt op 30-09-2011

3e blz. Cameron Highlands

fff FERRINGHI
BEACH HOTEL PINANG
Vervolg van 2de Brief.                                                                                 Zondag, 23 februari 1997.

Hoi Inge en Paul,

Zittend op ons balkon op het eiland Pinang, op de 9de verdieping, met uitzicht op zee en het zwembad en een enorme tropische regenbui als achtergrondmuziek, ga ik verder met deze 2de brief.

22/2. Weer gestart met koffie (papa), thee (ik) en lekkere koekjes op de kamer, die « tea facilities » zijn wel handig.
Om 9 uur gaan we weer op stap, hoger de bergen in, eerst langs Brinchang, het Chinese stadje, en besluiten toch maar geen Chinees ontbijt op straat te verorberen ; dan komen we weer langs vele groente-, fruit- en bloemenkwekerijen. Stoppen bij straatmarktjes waar ze bloemkool, broccoli, boontjes, doperwten, tomaten, sla, komkommer, nou ja, kortom al onze groentes verkopen, ook appels met een rare vorm : Cameron Highlands appels, smaken « gewoon » ; ook is er hier een aardbeienkwekerij waar we niet heengaan. Overal hangen opblaasbare plastic aardbeien, dus 2 gekocht voor Casper en Rutger. Ons ontbijt wordt uiteindelijk een warme maďskolf ; dat smaakt, hm.
Steeds hoger klimmend komen we bij de « Butterfly farm ». Een hele grote kas, omgeven door kippengaas, vol tropische planten en de grootste vlinders die we ooit gezien hebben : spanwijdte van 18 cm. Terug in Nederland, komen we een vriendin tegen die ons vraagt, vóór we kunnen gaan opscheppen, of we Atlasvlinders hebben gezien, van 30 cm. Een Orang Asli familie is druk in de weer. Vader en zoon zijn bezig honderden vlinders los te laten die ze die ochtend in de jungle hebben gevangen. Elke vlinder zat in een papieren zakje. Het gaat wel hardhandig en velen overleven het niet of nauwelijks. Hij geeft me een plastic zakje en ik mag er een paar oprapen ; ze liggen op de paden voor Pampus. In Tanah Rata worden ze verkocht vanaf 40 ringgits én het is veel leuker om « eigen » vlinders mee terug te nemen ; wél nog een doos vinden om ze héél thuis te krijgen. Overigens leven ze maar 7 dagen als vlinders. Even later komt z’n dochtertje naar me toe : « come and I’ll show you » en laat me wandelende takken en bladinsecten zien die ik zelfs dán nauwelijks kan onderscheiden, enig, verder laat ze me, vol trots, hun museum zien en als ik haar1 ringgit geef straalt ze helemaal.

Verder naar boven, kronkelt de steeds smallere weg zich te midden van uitgestrekte theeplantages. We komen een grote groep kwekkende en fotograferende Japanners tegen, waar niet… maar de lucht betrekt en de bewolking hangt te laag voor mooie vergezichten, dus wordt er een plaats gezocht om te keren en dan blijkt pas hoe lang de Proton is. We rijden terug naar Tanah Rata ; papa’s maag begint aardig te knorren, dus even naar Tah Nam voor 1x toast met scrambled eggs en 2x toast met gebakken ei, papa heeft echt honger, en 1x Cola, 1x water : schade 6 ringgits.

Tijdens een wandelingetje door Tanah Rata, komen we langs « Jasmin Restauran » en zien tot onze verbazing : « Chinese Rijsttafel » staan, in het Nederlands wel te verstaan, daar moeten we het fijne van weten. Ook een zakje nootjes gekocht : Kacang sepat tanpa kulit ? het lijken wel gedroogde tuinbonen, wel lekker.

Terug in het Merlin Hotel ligt de lang verwachtte fax: « Oké » Hoi, we gaan naar Pinang. We wisten nog steeds niet of we nu wél of niet moesten gaan pakken ; wél dus.

Tegen 4 uur gaat papa nog een ˝ rondje spelen. Voor het laatst in Tanah Rata gegeten, bij « Jasmin Restauran ». Als we binnen stappen worden we gelijk begroet in ‘t Nederlands door de eigenaar, Foong Tack Keong, die van 1960 tot 1975 ‘n restaurant in Assen heeft gehad. Erg aardige en zeer slimme zakenman. Heeft het destijds goed verkocht en is via vele landen, o.a. Australië, Indonesië en Singapore (daar was de huur van ‘n klein lokaal = $ 4.000 per maand) weer terecht gekomen in zijn geboorteland. Dankzij goede relaties en contacten met reisagenten, ontvangt hij regelmatig hele busladingen Nederlandse toeristen. Vol trots vermeldt hij bv. in de ANWB gids te staan.

Als we over het leven in Maleisië vragen, komen de verhalen los, over de verhouding tussen Chinezen en Maleisiërs, bv. : Chinezen mogen geen bestelwagens bezitten, maar moeten ze huren van de Maleisiërs. Nog denkt hij met weemoed aan Nederland waar alles zo goed geregeld was. In Maleisië moet hij voor alles « bribe money » betalen, maar dan ook weinig belasting.

Zie verder bij 6. op naar Pinang.

terug naar begin van pagina 

 

je kunt me bereiken door op het envelopje te klikken Reacties lijken me erg leuk !